De grassen die in Nederland voor zaaizaadproductie worden geteeld kunnen we grofweg indelen in een tweetal hoofdgroepen, tw: gazongrassen en voedergrassen. Binnen deze groepen zijn vele rassen en soorten die voor de verschillende doelen kunnen worden ingezet. Voedergrassen vinden hun weg hoofdzakelijk in de veehouderij en kunnen dienen als weidegras voor beweiding of groenvoedering. Gazongrassen, de naam zegt het al, worden ingezet voor gazons, recreatie terreinen, golfterreinen, sportvelden etc. De totale teeltoppervlakte van graszaad in Nederland varieert tussen de 20.000 en 25.000 ha per jaar.